Het situatieschema tekenen
Op het situatieschema zet u elk punt van het eendraadsschema op zijn plaats in de woning. De codes neemt OneLine over uit het schema.
De weergave openen
Klik in de werkbalk op Situatieschema, of druk op ⌘+⇧+2 (Mac) of Ctrl+Shift+2 (Windows). Met Eendraadsschema of ⌘+⇧+1 gaat u terug. Links staan de plannen en wat u erop kunt plaatsen, in het midden het blad, rechts de eigenschappen van wat u geselecteerd hebt.
Wat er volgens het AREI op het situatieschema moet staan, leest u in de gids Situatieschema maken. Werk bij voorkeur eerst het eendraadsschema af: zolang kringen verschuiven, veranderen de codes.
Een plan per verdieping
- Klik bij Plannen op Plan toevoegen. Een project kan tot 20 plannen hebben.
- Klik op Plan importeren… en kies een PNG-, JPEG- of PDF-bestand, of sleep het bestand op de plek met Sleep een PNG, JPEG of PDF hierheen. Heeft een PDF meerdere pagina's, dan kiest u in Pagina kiezen de pagina met de plattegrond.
- Geef het plan rechts een Naam van het plan, bijvoorbeeld “Gelijkvloers”, en kies Papier en Oriëntatie (Liggend of Staand).
(afbeelding op ware grootte openen)
Hebt u geen plattegrond, dan plaatst u de onderdelen op een leeg blad. De pijltjes naast een plan veranderen de volgorde van de plannen, het kruisje verwijdert het plan met alles wat erop staat, na bevestiging.
De plattegrond op zijn plaats zetten
Zet de plattegrond goed vóór u iets plaatst: symbolen bewegen niet mee met de achtergrond.
- Passend maken schaalt de plattegrond op het blad.
- Draaien ↻ en ↺ draaien ze telkens een kwartslag.
- De schuif Achtergrond vervaagt de plattegrond meer of minder, zodat de symbolen leesbaar blijven.
- Klik op de plattegrond om ze te selecteren. Sleep ze daarna om ze te verplaatsen, of sleep aan een hoek om ze te vergroten of te verkleinen. Rechts, onder Achtergrond, vult u ook X (mm), Y (mm) en Breedte (mm) in, of gebruikt u − en +.
Met Symboolgrootte maakt u alle symbolen van het plan groter of kleiner. Zet Beschrijvingen tonen aan om de omschrijving bij elk punt te zetten.
Onderdelen plaatsen
Onder Te plaatsen staat elk punt van het eendraadsschema: verbruikers, schakelaars, borden, dozen, modules en bronnen, met hoeveel ervan al geplaatst zijn (bijvoorbeeld 1/3 geplaatst).
- Klik op een rij in Te plaatsen. Boven het blad verschijnt Klik op het plan om te plaatsen; Esc annuleert.
- Klik op het blad waar het punt zit. Het symbool verschijnt met zijn code, dezelfde als op het eendraadsschema.
- Heeft het punt meerdere exemplaren, dan blijft de rij actief: klik verder tot ze allemaal staan.
(afbeelding op ware grootte openen)
Onder Symbolen staan symbolen die niet op het eendraadsschema hoeven, zoals een drukknop of een thermostaat, en een Tekst. Die plaatst u op dezelfde manier.
Symbolen verschuiven en aanpassen
- Slepen verplaatst een symbool. Sleep het label weg van het symbool, en een lijntje houdt ze verbonden.
- R draait het geselecteerde symbool, de pijltjestoetsen verschuiven het 1 mm (met Shift 5 mm), Delete verwijdert het.
- Rechts vindt u onder meer Exemplaar, Afwijkend label, Rotatie en de positie. Terugzetten zet het label terug bij zijn symbool, Toon in eendraadsschema brengt u naar het punt in het schema.
Zoomen en verschuiven
- Scrollen of slepen over een lege plek verschuift het blad.
- ⌘ of Ctrl ingedrukt houden en scrollen zoomt; op een trackpad of tablet knijpt u met twee vingers.
- Boven het blad staan −, + en Passend.
Ruimten nummeren
- Klik onder Ruimtes op Ruimte toevoegen en klik op het blad in de ruimte.
- Vul rechts het Nummer en de Naam in, bijvoorbeeld 3 en “Badkamer”.
De ruimten krijgen een genummerde cirkel en komen in de ruimtelijst op het blad. Het zijn dezelfde ruimten als in de invloedenweergave; bestaat die weergave voor uw project, dan toont een teken bij het nummer of de ruimte al beoordeeld is.
Nakijken wat nog ontbreekt
Zodra het project een plan heeft, meldt de AREI-controle welke punten van het eendraadsschema nog op geen enkel plan staan, of niet met al hun exemplaren. De melding noemt er de eerste acht en telt de rest. Schakelaars tellen daarbij niet mee, ook al staan ze in Te plaatsen. Een klik op de melding opent het situatieschema. Ook een plan zonder plattegrond, symbolen en ruimten geeft een melding.
In de PDF komen de plannen na de bladen van het eendraadsschema, met hetzelfde titelblok. U laat ze weg met Exporteren › Bijlagen › Situatieschema. Wilt u één plan als SVG, kies dan in deze weergave Exporteren › SVG – dit plan.